69 uwe pligtsvervullingnadrukkelijk in uwe bevelgeving. Maar hebt gij dit in vredestijd verzuimdin de ure des gevaars, wanneer het moordtuig des krijgs overal vernielend om ons henen woedt, alles verpletterende, wat aan zijne woede het hoofd zoekt te bieden, dan staakt de vrees voor straf bij den soldaat hare werking dan moeten andere drijfveren hem tot gehoorzaamheid en volgzaamheid, tot moed en zelfopoffering aanzetten; en den Officier, die niet reeds in vredestijd geheel en al soldaat was, den Officier, dien hij niet heeft leeren liefhebben en hoogachten, den Officier, op wien hij geen vertrouwen heeft, aan wien hij zich niet volkomen heeft toegewijd, dien zal hij niet gehoorzamendien zal hij niet volgen. Vraag het hun, die den oorlog bijgewoond hebben, hoe 't in de gevaarlijkste tijdperken op het slagveld toegaat. Schouder ophalend zullen zij van onze taktici zeggen: »'t is makkelijk in de studeerkamer te bepalendan plaats ik hier eene batterij, ik laat daar stormloopen, ginds laat ik tirailleurs uitzwermenen verder laat ik de reserve oprukken; op dit punt vorm ik carrés, op dat laat ik mijne kavallerie chargeeren en alles over hoop werpen. De kunst is het van den soldaat gedaan te krijgen." Wij die den oorlog niet dan bij naam en uit de boeken kennen, wij hechten daar met moeite geloof aan; we hebben ons vaak aangewend, in den soldaat den mensch te vergeten; we zijn zoo gewoonhem op onze wenken te zien volgendat we hem ons als een werktuig voorstellen; en bovenal, in de krijgsgeschiedenis troffen we zelden voorbeelden aan

Tijdschriftenviewer Nederlands Militair Erfgoed

Almanak der Koninklijke Militaire Akademie | 1899 | | pagina 271