1. DE VELDTOCHT IN ZEVENBURGEN, door H. G. III. DE DOORBREKING VAN DE TRANSSYLVANISCHE ALPEN. i) In den nacht 8|9 October hadden de Roemenen den tegenstand bij Kroonstadt opgegeven en waren zij teruggetrokken naar de sterke, permanente stellingen op de grenzen. Den onder zijne bevelen gestelden troepen gaf von Fal- kenhayn last scherp te vervolgen. Des avonds bevonden zij zich: de 8e Berg. brig. N. W. van den Königstein; de 76e Res. Div. tusschen Törzburg en Altamöccs, in gevecht; de 51e Honved-Div. bij Al Tömös; de 187e Div. bij den ingang van den Altschanz-pas; de 89e Div. bij Tatrang en Pürkerecz; de 71e Div. bij Pardau; - het Cav. Korps bij Czik Szereda en Sepsi Biikszad. De door de 76e Res. Div. naar F. Tömös afgezonden 2 batal jons konden den Predeal-pas niet bereiken. Zij werden terugge drongen, maar zij zagen, hoe dichte colonnes naar het Z. terug trokken. Door de opperste oorlogsleiding waren als versterking voor het IXe leger aangewezen de 11e en 12e Beijersche Div., het 4e en 5e bataljon wielrijders en de 6e Cav. Div. Het vervoer van deze troepen was reeds in gang. Uit Albanië was de 10e O.-H. Bergbrig. aangetrokken, die reeds bezig was zich bij Hermannstadt te verzamelen. Von Falkenhayn's bedoeling was zoo snel mogelijk over het gebergte te komen en de Roemenen te beletten zich in permanen te versterkingen op de grenzen vast te zetten. Hadden zij tijd in het gebergte de verdediging te organiseeren, dan zou het bin nendringen in de Roemeensche laagvlakte uiterst moeilijk worden. Wanneer het den Roemenen gelukte tijdig troepenversterkingen uit andere deelen des lands aan te trekken, zou misschien de aan val geheel tot staan komen, en nu reeds kwamen steeds versterkingen uit de Dobroedscha aan, waar Russische troepen de Roemeensche divisiën aflosten. Ook de naderende winter maakte het noodig, zoo spoedig 779 Zie hierbij de kaart, gevoegd bij l.M. T. 1924, No. 2: zie voorts I. M. T. 1924, No 4.

Tijdschriftenviewer Nederlands Militair Erfgoed

Indisch Militair Tijdschrift | 1924 | | pagina 1